Heel geen haar

haartjes
Ik stond na de les lichamelijke opvoeding in het verste hoekje van de gemeenschappelijke jongensdouche want ik had nog geen schaamhaar. Het meisje uit de klas dat ’s nachts mijn koortsige dromen bezocht wou me niet kussen want ik had nog geen schaamhaar. Ik trok mijn zwembroek belachelijk hoog want ik had nog geen schaamhaar.

Ik wou dat ik zo sterk was dat ik de populaire buurjongen op zijn smoel kon slaan. Want die had op zijn vijftiende al een stoppelbaard tot net onder z’n ogen.

Ondertussen had ik ergens een tip opgevangen: als je je elke dag scheert, zelfs al heb je nog heel geen haar, stimuleer je de beharing rond je lippen. Dus nam ik elke morgen stiekem het scheerapparaat van mijn vader en bewerkte ik verwoed mijn engelenhuid. Daar ben ik een week of twee later weer mee opgehouden nadat de populaire buurjongen me vroeg of ik toevallig tomatensoep had gegeten.

Toen ik zestien werd kreeg ik van mijn ouders de toestemming om voor het eerst naar de discotheek in het nabijgelegen dorp te gaan. Na een poosje piekeren leek de oplossing zo klaar als een klontje. Enkele uitgestreken druppels zwarte inkt uit de vulling van een balpen gaven mijn bovenlip een overtuigende donkere waas. Entrez stoppelsnor! Mooie meisjes zouden een zelfverzekerde, volwassen jongeman zien nippen van een stoer glas bier. Een licht besnorde jongeman die het plan had opgevat een beetje verveeld uit zijn ogen te kijken bij het zien van drukdoenerige pubers die huppelen op beroerde popmuziek.
In de propvolle disco was het snikheet. Ik zweette zo hard dat het leek alsof ik last had van een grijze bloedneus.

Terwijl ik dit schrijf heb ik schaamhaar.

Geef een reactie